header nieuws

‘Kwaliteit is het individuele verhaal van elke cliënt horen’

‘Ik doe mee! Samen sterk voor kwaliteit’ is woensdag 1 november 2017 bij Middin in Rijswijk gepresenteerd in het kader van dekwaliteitsagenda voor de gehandicaptenzorg. Hoe draagt de samenwerking tussen mensen met een beperking, hun familie en hun begeleiders bij aan de kwaliteit van zorg en begeleiding in de Wlz? Iedereen kan vanuit zijn rol het verschil maken met als doel: een fijn leven. Om dit zichtbaar te maken, hebben samenwerkende partijen in de gehandicaptenzorg de website www.ikdoemee.nl gelanceerd.

Onderstaand interview is vrijdag 3 november verschenen op de webpagina van Zorgvisie.

Een nieuwe website moet cliënten, hun naasten en begeleiders met elkaar verbinden op het gebied van kwaliteit.

Kwaliteit is niet een set indicatoren, maar het individuele verhaal van elke cliënt echt horen. Dat zegt Gertrude van den Brink, bestuurder van zorgorganisatie Middin. Om die reden startte een groot aantal organisaties in de gehandicaptenzorg samen het programma ‘Ik doe mee! Samen sterk voor kwaliteit’.

Goede kwaliteit zorg kan alleen worden geboden als cliënten, hun naasten en begeleiders samen ontdekken wat iemand met een beperking fijn vindt en aan de hand van die informatie actie ondernemen. Dat is de gedachte achter ‘Ik doe mee!’, een samenwerking tussen het minister van VWS, de VGN, V&VN, het Zorginstituut Nederland, de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Mee NL, Ieder(In), KansPlus, de Vereniging van Artsen voor Verstandelijk Gehandicapten, het Landelijk steunpunt (mede)zeggenschap en de LFB. Zij willen op een speciale website laten zien dat de sector aan de slag is gegaan met de kwaliteitsagenda voor de gehandicaptenzorg.

Door de dialoog aan te gaan, kunnen cliënten, naasten en begeleiders erachter komen wat een fijn leven betekent voor iemand met een beperking. ‘Niet iedereen met een beperking kan goed duidelijk maken wat hij fijn vindt om te doen’, zegt Vincent, die vanwege een halfzijdige verlamming en spasmen zelf bijna volledig afhankelijk is van zorg. Doordat hij een hoog IQ heeft kan Vincent goed uitspreken wat hij wel en niet prettig vindt en ingrijpen als hij merkt dat iets verkeerd gaat. Ook regelt hij zelf via zijn netwerk van familie en vrienden vaak dingen. Maar uit gesprekken met zijn naasten en begeleider is duidelijk geworden dat er nog iets is dat volgens Vincent zijn leven fijner zou maken: af en toe een bubbelbad. ‘Een bubbelbad betekent voor mij wekenlange ontspanning. Maar om dat te organiseren ben ik volledig afhankelijk van anderen, want ik kan er niet alleen naartoe.’

Volgens Middin-bestuurder Van den Brink zit daar de crux voor veel mensen met een beperking. ‘Goede zorg is het individuele verhaal van elke cliënt echt horen en de verschillen tussen cliënten zien. Maatwerk moet de standaard zijn, want elke cliënt is uniek en heeft andere behoefte.’ Dat is volgens haar wat de partijen achter ‘Ik doe mee!’ proberen te laten zien. ‘We hebben met alle partijen samen een website gemaakt waarop cliënten, begeleiders en naasten terechtkunnen. Ze kunnen er informatie vinden over het kwaliteitskader, maar ook met elkaar in dialoog. Want hoe kun je nou voor alle mensen met een beperking maatwerk aanbieden?’ Kwaliteit heeft volgens Van den Brink niet alleen met indicatoren te maken. ‘Natuurlijk moeten instellingen letten op brandveiligheid en medicatieveiligheid, dat is belangrijk. Ik denk dat we elkaar als sector scherp moeten houden, zodat we ook op die punten blijven letten, maar dat we moeten voorkomen dat we weer in een kramp schieten met alle indicatoren. Want kwaliteit kan ook het aanbieden van een bubbelbad zijn. De zorg moet net een stapje verder gaan om de zorg te leveren die cliënten een fijn leven biedt.’

Daarbij is het volgens Van den Brink ook nodig om fouten te durven maken. ‘Soms gaan er wel eens zaken mis. Dat is logisch, omdat ook mensen met een beperking fouten mogen maken, net als u en ik. Als zorgaanbieder wil je ze deze ervaring ook niet onthouden, ook al is dat soms best lastig’, legt de bestuurder uit. ‘Als goede kwaliteit van zorg voor Vincent bijvoorbeeld betekent dat hij een dagje naar de stad gaat met vrienden, dan kan het zijn dat er daarbij iets fout gaat. De reactie op incidenten kan vanuit de samenleving zijn: hoe kon het dat iemand met een beperking zomaar dit of dat zonder begeleiding kon doen? Dan schieten we weer in een kramp en komen er extra regels. Maar als we echt willen werken aan de kwaliteit van zorg en cliënten daarom een zo normaal mogelijk leven willen laten leiden, zullen we de risico’s daarvan heel duidelijk met naasten moeten bespreken. Dan kunnen we medewerkers de ruimte geven om een stapje verder te gaan.’